Blogopmaak

Drie jaar geleden werd J. 37 jaar moeder van haar zoon, maar na twee dagen moest ze ook weer afscheid nemen. Hoe ga je om met zo’n ongelofelijk groot verdriet?

De dag dat we jou verloren hebben, ik herinner het mij alsof het gisteren was.


Kinderwens

 

Al vanaf jonge leeftijd keek ik uit naar het moment dat ik moeder zou worden. Toen ik op mijn 24ste met mijn man trouwde wilden we gelijk kinderen. We ontdekten dat zwanger worden niet vanzelfsprekend was bij ons.

Na 3 jaar samen oefenen en de nodige IUI-behandelingen werd ik zwanger van de laatste IUI poging. Ik stond 2 weken later vol ongeloof naar een positieve zwangerschapstest te kijken. Wat waren we blij, maar dit sloeg snel om in verdriet. 8 weken later ging ik bloeden en kreeg ik een miskraam.

We waren boos, verdrietig waarom was ons dit niet gegund. We waren je kwijt…

 

We wilde graag een kindje dus na een half jaar rust en tijd voor onszelf gingen we weer voor een afspraak naar het ziekenhuis. We gingen starten met een IVF traject, maar dit keer liep het anders. Gelijk de eerste keer waren we zwanger. Zo blij dat we die 10 weken voorbij waren dat we voorzichtig na12 weken zwanger zijn het aan onze ouders vertelden. Mijn gehele zwangerschap ben ik bang geweest dat er iets zou gebeuren, maar dit gebeurde niet. Na 40.5 weken beviel ik van onze prachtige gezonde dochter. We konden ons geluk niet op en genoten volop.


Na een jaar wilden we graag een tweede kindje. Ook deze werd via IVF geboren. Het duurde nu langer, na anderhalf jaar vol IVF pogingen waren we weer zwanger. Ook deze zwangerschap ging goed. Kreeg aan het eind iets meer last van mijn bekken, maar dit was na de bevalling met een jaar weg. Ja bevallig, onze zoon kwam met 38 weken en was ook prachtig en gezond.


We konden ons geluk niet op, maar toch voelden we ons nog niet compleet.


Daar gingen we weer, 2 jaar na de bevalling op weg naar het ziekenhuis. Nu waren we na 2 keer IVF waren we zwanger, we konden ons geluk niet meer op. Hierna zouden we compleet zijn (dachten we).

Ik genoot volop, maar deze zwangerschap liep anders dan de andere twee. Vanwege een gevoelige baarmoeder begon ik met 22 weken harde buiken te krijgen. Met elke beweging, van zowel mezelf als van de kleine, spande mijn buik zich urenlang aan. Dit baarde mij zoveel zorgen dat ik de rest van mijn zwangerschap rust heb gehouden en de dagen ging aftellen tot je veilig in mijn armen zou liggen.


De dag waarop het drama begon. Ik voelde me niet goed. Ik was 26.5 weken zwanger en mijn rugpijn was zo erg dat ik geen enkele comfortabele positie meer kon aannemen. De kleine bewoog minder dan ik gewend was en het dagritme was ook anders. Ik heb mijn moeder, die bij ons verbleef die dag meerdere keren gevraagd te luisteren naar haar hartslag. Die stelde me dan, met haar zoals gewoonlijk 130 slagen per minuut, weer even gerust.

Twee dagen ervoor was mijn verloskundige nog langs geweest en de dag daarna zou ik in het ziekenhuis een extra controle krijgen. Ik bleef mezelf ervan overtuigen dat alles goed zou komen, maar het voelde alsof alles fout ging. Die avond ben ik om 20.00 uur naar bed gegaan. De kleine was ineens erg actief en hoewel dat ongewoon was rond die tijd, zag ik het als een positief teken. Met mijn handen tegen mijn buik aan om de kleine te kalmeren, viel ik in slaap.

Om 22.00 uur schrok ik wakker met hevige rug en buikpijn, en dacht dat mijn bevalling eindelijk begonnen was. Alleen werd de pijn met de minuut erger en stopte deze niet. Mijn buik was keihard en toen ik begon te bloeden, zakte mijn enthousiasme weg. Na uren wanhopig zoeken naar weeën, op aanraden van mijn verloskundige, kwam ze tegen 01.00 uur kijken wat er aan de hand was. Zodra ik het hartje met 70 slagen per minuut hoorde kloppen, werd mijn voorgevoel bevestigd. Er was inderdaad iets helemaal mis.


Al voor mijn positieve zwangerschapstest voelde ik een diepe verbinding met het leven dat in mij groeide. Een heel bijzonder gevoel dat ik nog nooit eerder had ervaren; een vorm van communicatie zonder woorden. Tijdens mijn bevalling merkte ik dat de verbinding tussen ons verbroken was. Hoezeer ik het ook probeerde, ik kon het niet meer vinden.

Eenmaal in de auto onderweg naar het ziekenhuis, drukte ik mijn handen tegen mijn buik aan om verbinding te maken, maar het enige wat ik voelde was het lijfje wat ritmisch schokte. Ik hoopte dat het niet waar zou zijn, maar wist dat het foute boel was.

Toen ik aankwam bij de eerste hulp stonden ze me op te wachten met een rolstoel. Mijn verloskundige had gebeld dat er een hoogzwangere vrouw binnen zou komen met een baby in nood. Overstuur haastte ik me naar binnen en riep dat ze mijn baby moesten redden. Ik werd naar een bed in een kamer gebracht en kreeg een infuus, katheter en echo. De wereld bewoog in slow motion en ik verloor herhaaldelijk mijn bewustzijn. Doordat mijn buik zo hard was konden ze de hartslag niet vinden en de onmacht verstikte me. Ik voelde de kleine dood gaan in mijn buik en er was niets dat ik kon doen om de kleine te redden.

Uiteindelijk vonden ze een hartslag van 50 slagen per minuut en werd ik de operatiekamer ingereden. Huilend lag ik te creperen op de operatietafel terwijl er een verpleegkundige met een doppler in mijn buik duwde. Alles ging me te langzaam. De spanning in mijn buik was nu zo ondraaglijk dat het voelde alsof deze ging ontploffen. Om 01:35 uur kwam de gynaecoloog binnen en werd ik onder narcose gebracht.


Het moment dat ik hem voor het eerst in mijn armen kreeg, was zowel het allermooiste als het aller moeilijkste moment van mijn leven.

Rond 04.30 uur werd ik wakker uit de narcose. Ik was verlamd van pijn en kon mijn ogen niet openen, maar hoorde bekende geëmotioneerde stemmen. In mijn hoofd schreeuwde ik onafgebroken ‘Is onze baby oké!?’ tot ik het kon fluisteren. Mijn man brak in tranen uit en zei: ‘Het is een jongetje… Hij heeft het zwaar en ze denken dat hij het niet gaat redden.’ Hij legde uit: ‘Jij was bijna dood en hebt veel bloed verloren.


Ik vroeg meteen waar hij was, want het voelde verkeerd om hem zo ver van mij vandaan te hebben. Hij mocht niet bij mij liggen en lag moederziel alleen aan alle slangetjes en apparaten. Ze deden alles om hem te helpen, maar…2 dagen later overleed hij.


Hij werd op mijn borst gelegd en terwijl ik mijn ogen over zijn engelen gezichtje liet gaan, voelde ik mijn hart ontploffen van liefde en verbrijzelen van pijn. Nooit eerder had ik zoveel geluk en verdriet ervaren. Met mijn laatste kracht gaf ik hem een kus, raakte ik voorzichtig zijn wang aan en pakte ik zijn handje vast. Het lieve kindje waar ik maandenlang op had gewacht lag eindelijk in mijn armen, maar hij ademde niet meer, hij was dood.


De kraamperiode heb ik compleet in een waas geleefd; verdoofd door ondraaglijke pijn. Ik kon amper ademhalen en geestelijk….daar waren geen woorden voor hoe ik me toen voelde. Telkens wanneer ik me besefte dat onze zoon er niet meer was, riep ik ontroostbaar dat ik mijn baby wilde. Elke ochtend hoopte ik te ontwaken uit deze nachtmerrie. Ik wilde niet verder leven zonder mijn zoon, maar had geen keuze.


Mijn droom om moeder te worden is uitgekomen want ik heb 2 prachtige, gezonde kinderen, maar daarnaast blijft mijn kinderwens onvervuld.


Voor langere tijd zocht mijn hart eindeloos naar zijn aanwezigheid. Alles in mij wilde bij hem zijn, maar ik moest door. Door voor mijn andere 2 kinderen, mijn man en mezelf.

17 juni 2024
Kim: ‘We zaten midden in het ivf-traject, toen haakte mijn man af'.
Share by: